TL;DR: In dit artikel schrijft Dmitry Kesadov over een verrassende, maar typisch Spaanse combinatie: voetbal en wijn. Van de familiewijngaarden van Andrés Iniesta en het Canarische wijnproject van David Silva tot de liefde van topsporters voor gastronomie, de brede sportcultuur in Spanje en de bijna vanzelfsprekende plaats die voetbal inneemt in het dagelijks leven.

Over de auteur: Dmitry Kesadov is wijnexpert en journalist en studeerde aan wijnschool Enotria. Hij woont sinds 1996 in Spanje en schrijft vooral over eten, wijn en restaurants als onderdeel van de Spaanse cultuur.

Voetbal, zomer en Spaanse wijn

Goedendag, Dmitry Kesadov hier, met een nieuwe bijdrage over de Spaanse wijn- en eetcultuur.

Midden in de zomer lopen de belangen van toeristen en locals aan de kust nogal uiteen. De één steekt al zijn energie in het zware werk dat vakantie vieren heet, terwijl de ander juist extra hard moet werken om ervoor te zorgen dat die vakantie ook werkelijk ontspannen verloopt.

Maar over twee dingen is iedereen het tijdens de hete maanden opvallend snel eens. Overdag draait alles om de vraag waarmee je de dorst het best lest. En zodra de avond valt, rijst de volgende vraag: wat gaan we doen?

In juli was het antwoord eenvoudig: voetbal kijken.

Mijn komende stukken draaien daarom om twee onderwerpen die in een Spaanse zomer uitstekend bij elkaar passen – het succes van de Spaanse nationale ploeg en de vraag welke wijnen en andere dranken het best passen bij warm weer.

We beginnen met sport en voetbal, want deze overwinning zal voor veel mensen hét beeld van de zomer van 2027 blijven.

Maar ik wil niet nog eens herhalen wat al honderd keer over het Spaanse voetbal is geschreven. Interessanter is de vraag wat voetbal – en sport in bredere zin – vertelt over de Spaanse mentaliteit, cultuur, gastronomie en liefde voor wijn.

En als u dan toch comfortabel voor de televisie zit te wachten op de aftrap, is een fles wijn bepaald geen slecht gezelschap.

Maar welke?

Andrés Iniesta – van het voetbalveld naar de wijngaard

Voor mij stond een fles witte Sauvignon Blanc Corazón Loco, met de persoonlijke handtekening van Andrés Iniesta.

Dat was natuurlijk geen toeval.

Iniesta is niet alleen een legende van het Spaanse voetbal en een van de hoofdrolspelers uit de gouden periode van 2008 tot 2012. Hij maakte ook het doelpunt dat in de 116e minuut de WK-finale van 2010 tegen Nederland besliste. Zijn familiebedrijf bracht later zelfs een wijn uit die naar dat historische moment verwijst: Minuto 116.

En er is nog een reden waarom wijn zo goed bij zijn verhaal past: Iniesta komt uit een familie van wijnbouwers.

Andrés Iniesta, Spaans voetbalicoon en telg uit een wijnbouwersfamilie
Foto: Christian Bertrand / Shutterstock.com

De familie maakt wijn in D.O. Manchuela. De wijngaarden liggen in de provincie Albacete, op ongeveer twee uur rijden van Torrevieja. Manchuela wordt vaak tot het bredere mediterrane wijngebied gerekend, en daarom beschouw ik Iniesta met een beetje goede wil bijna als een streekgenoot.

Het dagelijkse werk in het wijnbedrijf lag lange tijd vooral in handen van Andrés’ vader, José Antonio Iniesta. Andrés beëindigde zijn professionele voetbalcarrière in oktober 2024. De komende jaren zullen uitwijzen welke richting hem het sterkst blijft trekken: het voetbal, bijvoorbeeld als trainer, of het familiebedrijf tussen de wijnstokken.

De wijnen van Bodega Andrés Iniesta zijn overigens niet alleen in gespecialiseerde wijnzaken te vinden. Ze liggen ook bij grote supermarktketens zoals Carrefour, want het bedrijf is inmiddels behoorlijk groot.

Het begon ooit met ongeveer tien hectare wijngaard. In de loop van zo’n veertig jaar groeide dat areaal naar ongeveer 120 hectare. In een artikel kwam ik zelfs een getal van 300 hectare tegen.

Hoe het precieze cijfer ook luidt, de wijnen zijn degelijk en worden door kenners serieus genomen.

Lees ook: wie zich verder wil verdiepen in mediterrane wijnstijlen kan ook Dmitry Kesadovs artikel lezen over de zuidelijke stijl van Spaanse wijnen, met Monastrell, Giró en Alicante Bouschet.

Waarom sport zo’n grote rol speelt in Spanje

Voordat we verdergaan met voetballers die zich met wijn bezighouden, is het de moeite waard om even stil te staan bij de plaats van sport in het Spaanse dagelijks leven.

Sla een doorsnee Spaanse krant open en een opvallend groot deel ervan gaat over sport – en dan vooral over voetbal.

Dat is al lang geen gewone hobby meer. Soms lijkt het eerder op een collectieve obsessie.

Er wordt wel eens gegrapt dat Spanjaarden een “natie van benen” zijn. Ik zou het iets vriendelijker formuleren en zeggen: een natie van slimme benen.

Kijk maar:

  • Spanje behoort al jaren tot de absolute wereldtop in voetbal, basketbal, wielrennen en tal van andere sporten waarin het onderlichaam bepaald geen bijrol speelt. Zelfs in disciplines die veel tactisch inzicht vragen, valt de fysieke voorbereiding van Spaanse sporters op. Rafael Nadal was vanzelfsprekend een buitengewoon slimme tennisser, beroemd om zijn spin, wedstrijdinzicht en diepe ballen richting de baseline. Maar zijn voetenwerk was misschien nog indrukwekkender dan zijn slagen.
  • Ook dans hoort bij dat verhaal. Het voetenwerk van een goede flamenco- of bolerodanser kan een publiek volledig in zijn greep houden. Zelfs wie weinig met dans heeft, kent namen als Antonio Gades en Joaquín Cortés. Elke regio heeft zijn eigen artiesten en op lokale feesten wordt volop gedanst door mensen die daar helemaal geen beroep van hebben gemaakt. Flamenco wordt buiten Spanje vaak vooral als zang gezien, maar wie het in Sevilla meemaakt, merkt al snel hoe belangrijk ritme, voetenwerk, handen en lichaam zijn voor de hele expressie.
  • En dan zijn er de hardloopevenementen. Wie op zondagochtend rustig door Barcelona, Valencia of een andere Spaanse stad wil wandelen, doet er goed aan eerst te controleren of er geen halve marathon of marathon wordt georganiseerd. Op zulke dagen lijkt werkelijk iedereen te lopen – jong, oud en soms met de hond erbij. Barcelona heeft een van de grootste marathons van Spanje. Maar ook San Sebastián, dat buiten Spanje vooral bekendstaat om zijn gastronomie en pintxos, heeft een uitgesproken sportcultuur. Toen mijn vrouw en ik er in de winter waren, zagen we langs de kust tennisbanen en groepen wielrenners. Eén fietser stopte plotseling, zette zijn fiets aan de kant en sprong de koude zee in. Mijn eerste gedachte: een fanatieke winterzwemmer. De verklaring bleek een stuk praktischer – hij droeg een wetsuit. Sport is voor veel Spanjaarden simpelweg onderdeel van het dagelijks leven.

Sport en een actieve levensstijl in Spanje

  • En dan is er nog het encierro, het traditionele rennen voor stieren. Het beroemdste vindt plaats in Pamplona en werd internationaal bekend door Ernest Hemingway en zijn roman The Sun Also Rises. De stieren worden door de straten naar de arena geleid, terwijl deelnemers voor hen uit rennen. Ervaren locals weten heel precies welke stukken gevaarlijk zijn en beperken hun eigen run vaak tot een relatief korte afstand. Toch komen valpartijen, kneuzingen en soms ernstige ongelukken voor, en langs het parcours staan medici klaar. Wat men ook van deze traditie vindt, ook hier draait veel om snelheid, balans, timing en lichaamsbeheersing.

David Silva en wijn van de Canarische Eilanden

Terug naar voetbal en wijn.

De tweede grote naam is David Silva.

Net als Iniesta maakte hij deel uit van de generatie die tussen 2008 en 2012 het Europese en mondiale voetbal domineerde.

Silva komt van de Canarische Eilanden en investeerde samen met de lokale wijnmaker Jonatan García Lima in Bodega Tamerán.

David Silva, Spaans oud-voetballer en mede-initiatiefnemer van wijnproject Bodega Tamerán
Foto: Christian Bertrand / Shutterstock.com

In zekere zin is zijn verhaal zelfs nog interessanter dan dat van Iniesta.

Ten eerste omdat David Silva na zijn voetbalcarrière daadwerkelijk tussen de wijngaarden is gaan wonen en zich persoonlijk met het werk bemoeit.

Ten tweede omdat Jonatan García Lima en zijn eigen wijnhuis Suertes del Marqués op dit moment tot de spannendste namen van de Canarische wijnwereld behoren.

En die reputatie is terecht.

7 Fuentes, Trenzado, Vidonia en andere wijnen uit deze hoek zijn absoluut het proberen waard. Vulkanische bodems, oude wijnstokken, kleine percelen en het bijzondere klimaat van Tenerife leveren wijnen op die niet gladgestreken of voorspelbaar smaken.

Ze hebben karakter en laten hun herkomst duidelijk spreken.

Goedkoop zijn ze niet. Wijn maken op de Canarische Eilanden is arbeidsintensief en kostbaar.

In onze regio zijn sommige van deze wijnen onder meer verkrijgbaar bij Vinessence.

Wat drinken voetballers zelf?

Dan blijft natuurlijk nog een vraag over die bijna iedereen interessant vindt: wat drinken voetballers zelf eigenlijk?

De wijnconsumptie in Spanje neemt al jaren af, net als in veel andere landen. Toch blijft wijn voor veel Spanjaarden een vanzelfsprekende begeleider van eten en een onderdeel van de eetcultuur.

Wie topsport automatisch associeert met een absoluut alcoholverbod – geen druppel, ooit – zal merken dat daar in de Spaanse cultuur vaak iets minder zwart-wit naar wordt gekeken. Een glas wijn bij een maaltijd wordt traditioneel anders gezien dan een avond die om alcohol draait.

En met een beetje overdrijving: bij een atleet van bijna twee meter, die eruitziet alsof de Terminator zijn anatomie heeft ontworpen, voelt 150 of 250 milliliter wijn bijna symbolisch.

Een tijdlang ging op internet het verhaal rond dat Lionel Messi een zwak zou hebben voor Único van Vega Sicilia.

Dat is kostbare wijn, maar in Spaanse discussies draaide het opvallend weinig om de prijs. Messi heeft na al die jaren in Barcelona nu eenmaal iets van een eigen speler gekregen in de ogen van veel Spaanse voetbalfans.

Het ging bovendien niet om het idee dat hij dagelijks zulke flessen openmaakt. De foto’s hadden vooral betrekking op bijzondere gelegenheden. Op één bekende foto met zijn moeder stonden bijvoorbeeld twee flessen uit hun respectieve geboortejaren.

Messi is zelf eveneens betrokken geweest bij wijnprojecten, al heeft hij dat nooit tot een belangrijk onderdeel van zijn publieke imago gemaakt.

Professionele sporters praten sowieso niet voortdurend in het openbaar over hun favoriete restaurants of flessen.

Wie juist dat snijvlak interessant vindt, kan journalist Santi Rivas volgen. Hij behoort tot de zeldzame mensen die zowel van voetbal als van wijn opvallend veel verstand hebben.

Via hem kom je bijvoorbeeld te weten dat sommige spelers van Atlético Madrid, onder wie Marcos Llorente, veel belangstelling hebben voor verfijnde gastronomie en goede wijn.

Anders zou je ook moeilijk verklaren waarom een groot deel van de ploeg samen ging eten bij de met Michelin bekroonde Asador Etxebarri – een restaurant met fantastisch eten, een indrukwekkende wijnkaart, prijzen die daarbij passen en een wachtlijst die maanden vooruitloopt.

Bij Santi Rivas vind je dit soort verhalen, geruchten en anekdotes, maar ook serieuze observaties over wijn en voetbal.

Wie zich verder wil verdiepen in de Spaanse bar- en wijncultuur kan ook Dmitry Kesadovs artikel lezen over horecaconcepten in Spanje – van vermutería en coctelería tot wijnbar en cantina.

Sport als onderdeel van de Spaanse levensstijl

Hoewel ik al lang weet hoe belangrijk sport in Spanje is, blijven sommige cijfers me verbazen.

In Andalusië doet ongeveer 65 procent van de bevolking regelmatig en actief aan sport.

Dan hebben we het niet over vijf minuten rekken naast het bed. Mensen zwemmen, gaan naar sportscholen en gemeentelijke sportcentra, spelen in teams en organiseren amateurvoetbal binnen bedrijven, verenigingen en allerlei andere groepen.

Die 65 procent behoort tot de hoogste percentages van Spanje, maar ook landelijk is sport zeer sterk verweven met het dagelijks leven.

Kijk alleen al naar onze eigen regio.

Torrevieja beschikt over uitstekende, moderne sportvoorzieningen. Het is voor deze streek natuurlijk een relatief grote stad, maar ook in plaatsen als Almoradí en andere veel kleinere gemeenten zijn goede sportcentra te vinden.

Meer over de stad, haar voorzieningen en mogelijkheden voor een actieve levensstijl leest u in onze actuele gids over Torrevieja.

Interessant is ook de sociale kant van sport.

In sommige gemeenten kunnen werklozen en mensen uit kwetsbare groepen gratis of tegen een zeer laag tarief gebruikmaken van sportvoorzieningen.

De gedachte erachter is logisch: juist in moeilijke perioden helpen beweging, structuur en sociaal contact om lichamelijk en mentaal beter in balans te blijven.

Ook sport voor kinderen en senioren is goed ontwikkeld.

Het gaat dus niet alleen om topsport. Het gaat om bewegen als normaal onderdeel van het leven.

In Madrid loopt bijvoorbeeld langs de Manzanares een enorm recreatiegebied met parken, hardlooproutes, sportvelden en tientallen kilometers aan fietspaden. Langs de Nervión in Bilbao vindt u een vergelijkbare combinatie van stad, rivier en actieve openbare ruimte.

Overweegt u wonen aan de Costa Blanca?
Kijk bij het kiezen van een plaats niet alleen naar stranden en woningprijzen, maar ook naar sportvoorzieningen, infrastructuur en het dagelijkse leven. In onze gids over Torrevieja vindt u daarvoor een praktisch overzicht.

Van olympische medailles tot Carolina Marín

Levert die sportcultuur ook resultaten op?

Absoluut.

Kijk alleen al naar de Olympische Spelen.

In 1980, enkele jaren na het einde van de Franco-periode, behaalde Spanje één gouden, drie zilveren en twee bronzen medailles – zes in totaal.

In 2016 waren dat er zeventien: zeven keer goud, vier keer zilver en zes keer brons.

Tijdens Parijs 2024 won Spanje vijf gouden, vier zilveren en negen bronzen medailles, achttien in totaal.

Maar cijfers vertellen natuurlijk niet het hele verhaal.

Spaanse sporters behoren al jarenlang tot de internationale top in voetbal, handbal, wielrennen, tennis, auto- en motorsport en nog veel meer disciplines.

Een van de opvallendste sportverhalen is dat van Carolina Marín.

In 2014 werd zij Europees en wereldkampioen badminton. In 2015 verdedigde ze haar wereldtitel en in 2016 werd ze de eerste Europese vrouw die olympisch goud won in het enkelspel badminton.

Carolina Marín, Spaanse olympisch kampioene en meervoudig wereldkampioene badminton

Wie badminton niet nauw volgt, beseft misschien niet meteen hoe uitzonderlijk dat is.

De internationale badmintonwereld werd decennialang sterk gedomineerd door Aziatische landen. De grootste titels gingen vooral naar spelers uit China, Korea, India, Thailand en andere landen in de regio.

Het verschil met de rest van de wereld was in sommige periodes enorm.

Het woord “badminton” is weliswaar Engels, maar de sport kwam niet zomaar uit Engeland voort. De Britten brachten varianten mee uit hun kolonies. In India bestond bijvoorbeeld het spel poona, terwijl ook in China al lang vergelijkbare vormen van racket- en shuttle-spelen bekend waren.

Dat Carolina Marín de beste Aziatische speelsters structureel wist te verslaan, maakt haar prestaties des te indrukwekkender.

Haar succes inspireerde bovendien veel Spaanse kinderen en het aantal jonge badmintonspelers nam merkbaar toe.

Marín zette zich ook in voor campagnes tegen pesten, geweld en vernedering in de sport.

Ik besteed ook daarom wat meer aandacht aan haar: 2026 werd het laatste jaar van haar actieve carrière, vooral vanwege de ernstige knieblessure die zij tijdens de Olympische Spelen van 2024 opliep.

Ze nam afscheid met een uitzonderlijke erelijst: olympisch kampioene, drievoudig wereldkampioene en zevenvoudig Europees kampioene.

Het koninklijke karakter van het Spaanse voetbal

Spanje leeft natuurlijk niet alleen van voetbal.

Maar helemaal om het spel heen kunnen we niet.

Zelfs de Spaanse voetbalbond draagt een koninklijke titel: Real Federación Española de Fútbol.

De band tussen monarchie en voetbal heeft in Spanje een lange geschiedenis. Na grote overwinningen van de nationale ploeg behoort het bijvoorbeeld tot de vaste symbolische gebaren om de koning een shirt met nummer 1 te overhandigen.

Sommige Spanjaarden zagen – meestal met een flinke dosis humor – zelfs een verband tussen het mislukte WK van 2014 en de troonsafstand van koning Juan Carlos in dezelfde periode.

Als sportanalyse stelt dat natuurlijk weinig voor.

Maar het illustreert uitstekend hoe gemakkelijk voetbal in Spanje verweven raakt met nationale identiteit, geschiedenis, politiek en alledaagse gesprekken.

Bij Real Madrid is de koninklijke verwijzing bovendien heel concreet. De club kreeg tijdens het bewind van Alfonso XIII het recht om de titel Real – “koninklijk” – te voeren.

Na de recente WK-overwinning van 2026 koos het gerenommeerde wijnhuis Aalto samen met eigenaar en oenoloog Mariano García – vanzelfsprekend ook een groot voetballiefhebber – voor een bijzonder Spaanse manier om het succes te vieren.

Er werden speciale vijfliterflessen Aalto in Jeroboam-formaat klaargemaakt: één voor bondscoach Luis de la Fuente en één voor Aitor Karanka als vertegenwoordiger van de Koninklijke Spaanse Voetbalfederatie.

Een passender cadeau is haast niet denkbaar.

Ook andere wijnen van Mariano García behoren inmiddels tot de moderne klassiekers van Spanje.

In Castilla y León maakt hij onder meer Mauro, San Román en Garmón. Samen met zijn zoon produceert hij ook Baynos uit Rioja Alavesa.

Ik herinner me de jaargangen van Mauro en San Román uit de jaren negentig nog goed. Destijds stonden ze op de kaarten van de beste restaurants in onze streek.

Vandaag kosten ze aanzienlijk meer, maar het blijven overtuigende wijnen.

Wijn voor de nationale ploeg en jamón voor de winnaars

We naderen het einde, maar enkele verhalen zijn te mooi om over te slaan.

De Spaanse nationale ploeg heeft niet alleen haar “eigen” water – Agua Sierra Cazorla –, wat bij professionele sporters natuurlijk volkomen logisch is.

Er bestaat ook een nauwe band met wijnmerk Ramón Bilbao.

Zamora Company, de groep achter Ramón Bilbao en Albariño-producent Mar de Frades en tegenwoordig ook het uitstekende Galicische wijnhuis Godeval, liet goed zien wat er kan gebeuren als commerciële timing en Spaans voetbal precies op het juiste moment samenvallen.

Enkele jaren nadat het bedrijf sponsor van de nationale ploeg werd, stond het merk samen met de spelers plotseling volop in de internationale schijnwerpers.

En daarmee houdt het lijstje nog lang niet op.

Neymar was betrokken bij internationale wijnprojecten waarin Spanje onder meer werd vertegenwoordigd door het bekende huis Faustino. Cristiano Ronaldo investeerde in restaurantconcepten samen met Rafael Nadal en de familie Iglesias. Sergio Ramos was een van de investeerders achter restaurantgroep Kabuki.

De grens tussen topsport, wijn en topgastronomie blijkt dus een stuk minder scherp dan je misschien zou verwachten.

Jamón als symbool van de Spaanse gastronomie

En waarmee kunnen we een verhaal over Spanje, voetbal en gastronomie beter afsluiten dan met jamón?

De bekende jamónspecialist Enrique Tomás beloofde iedere speler die tot man van de wedstrijd werd uitgeroepen evenveel kilo ham als hij zelf woog.

Het klinkt als een oud verhaal waarin een held zijn eigen gewicht in goud krijgt, of zoveel edelstenen als hij kan dragen.

Alleen is de schat hier geen goud, maar jamón.

En eigenlijk past dat perfect.

Voor veel mensen in Spanje had de triomf van 2026 iets sprookjesachtigs – voor wie hier geboren is, voor wie Spanje later als thuis koos en voor supporters ver buiten de landsgrenzen.

Spanje leer je niet alleen kennen via monumenten en stranden.
Wijn, markten, tapasbars en kleine restaurants vertellen vaak minstens zoveel over een streek. Lees verder over de Spaanse eetcultuur in ons artikel over coctelerías, vermuterías, cantina’s en wijnbars.

Voor vandaag nemen we afscheid. Tot de volgende bijdrage over wijn, gastronomie en het dagelijks leven in Spanje.

FAQ

Welke bekende Spaanse voetballers zijn betrokken bij wijn?

In het artikel gaat Dmitry Kesadov vooral in op Andrés Iniesta, wiens familie Bodega Andrés Iniesta in D.O. Manchuela runt, en David Silva, die betrokken is bij het Canarische wijnproject Bodega Tamerán.

Wat heeft Andrés Iniesta met Corazón Loco te maken?

Corazón Loco wordt geproduceerd door de familiebodega van Iniesta. Dmitry Kesadov beschrijft een gesigneerde fles Sauvignon Blanc en noemt ook Minuto 116, een wijn waarvan de naam verwijst naar Iniestas beslissende doelpunt in de 116e minuut van de WK-finale van 2010.

Waarom is sport zo belangrijk in het dagelijkse leven in Spanje?

De auteur beschrijft sport als een vanzelfsprekend onderdeel van de Spaanse samenleving – van voetbal, tennis, wielrennen en marathons tot gemeentelijke sportcentra, jeugdprogramma’s en activiteiten voor senioren.

Drinken Spaanse voetballers wijn?

Het artikel noemt verschillende spelers die belangstelling hebben voor wijn en gastronomie, zonder dat te veralgemenen naar alle professionele sporters. Belangrijker is de culturele context: in Spanje wordt wijn traditioneel sterk verbonden met eten en samen aan tafel zitten.

Welke Spaanse wijnen en wijnhuizen worden in het artikel genoemd?

Onder meer Bodega Andrés Iniesta, Tamerán, Suertes del Marqués, Vega Sicilia, Aalto, Mauro, San Román, Garmón, Baynos, Ramón Bilbao, Mar de Frades en Godeval. Daarnaast beveelt de auteur Canarische wijnen als 7 Fuentes, Trenzado en Vidonia aan.

Auteur: Dmitry Kesadov. Dit artikel is informatief en opiniërend van aard. Vermeldingen van wijnen, restaurants, producenten en andere merken maken deel uit van het auteursmateriaal en vormen geen openbaar aanbod.

Vind je dit artikel leuk? Deel het met je vrienden!